Bos, Boomverzorging, Landschapsonderhoud en Groenwerken
Kaagstraat 6, Raalte
Ma-Za: 07:00 - 17:00

BESTRIJDING ZIEKTEN EN PLAGEN

Tegenwoordig komen er steeds vaker bekende en onbekende ziekten voor bij bomen. SEKO Bos- en Boomverzorging is innovatief bezig met het zoeken naar en vinden van oplossingen.
Zo hebben wij ervaring met het bestrijden van de eikenprocessierups. Tevens hebben wij proeven lopen voor het voorkomen en/of bestrijden van de lindebladluis, de kastanjemineermot en de kastanjebloedingsziekte.
Eikenprocessierupsen

De eikenprocessierups (Thaumeatopoea processionea) is de rups van een nachtvlinder die met name voorkomt in Noord-Brabant, Limburg en Gelderland. Sinds enkele jaren wordt deze rups ook steeds vaker in Overijssel en in andere delen van Nederland gesignaleerd. De rupsen gaan groepsgewijs, in processie, 's nachts op zoek naar voedsel –eikenbladeren – in de toppen van de bomen.

Overdag keren ze terug naar hun nesten, die zich aan de zuidkant van de eikenstammen bevinden.

Het venijn van de rupsen schuilt in de aanwezigheid van de vele kleine brandharen op de rups. Deze verschijnen in de maanden mei-juli vanaf het derde larvale stadium naast hun normale beharing.
De brandharen brengen gezondheidsrisico’s voor mens en dier met zich mee. De brandharen kunnen door de wind worden meegevoerd, vrijkomen door trillingen van het verkeer of, wanneer de rupsen ongewenst aangeraakt worden, dan worden de haren afgeschoten.
Wanneer men in contact komt met deze brandharen, dan kunnen gezondheidsklachten zoals jeuk, huiduitslag en irritatie aan ogen en/of luchtwegen ontstaan.

Werkwijze SEKO
Nadat er nesten zijn gesignaleerd van de eikenprocessierupsen wordt er snel gehandeld. Het is van het grootste belang dat de nesten binnen een zeer korte tijd verwijderd worden.
In opdracht zorgen wij ervoor dat de rupsennesten in hun geheel worden weggezogen en afgevoerd. De rupsen worden vernietigd bij een destructiebedrijf. Dit is een efficiënte methode en de bomen en de bast worden hierbij niet beschadigd. Tijdens deze werkzaamheden zijn onze medewerkers volledig afgeschermd voor de brandharen van de rupsen. Met speciale pakken en maskers wordt er zorgvuldig en snel gewerkt.

Kastanjebloedingsziekte

De kastanjebomen (Aesculus hippocastanum) worden bedreigd door een onbekende bloedingsziekte. De ziekte komt voor in heel Nederland en alle kastanjesoorten kunnen worden aangetast.
Van deze ziekte is nog maar weinig bekend, maar momenteel wordt er veel onderzoek gedaan om meer te weten te komen over deze ziekte.
Het lijkt erop, dat de bacterie uit de Preudomononas syringae - groep een grote rol speelt in het ziekteproces.

Uit onderzoeken van bloedingsvlekken is gebleken, dat de aangetaste delen altijd afgestorven bastweefsel bevatten. Tegen het afsterven van het bastweefsel vertoont de paardenkastanje ook een afweerreactie door nieuwe afsluitingsweefsels te vormen.
De nieuw gevormde weefsels sluiten het geïnfecteerde gedeelte af. Zoals het er naar uitziet, probeert de boom op deze manier uitbreiding van de ziekte te belemmeren.

Werkwijze SEKO
Momenteel is er nog geen behandelingsmethode ontwikkeld voor deze ziekte. Wij volgen de onderzoeken die gedaan worden op de voet. Wij hebben zelf een aantal proeven lopen die te maken hebben met de groeiplaatsomstandigheden van de paardenkastanjes. Voor meer informatie hierover nodigen wij u uit om contact met ons op te nemen.

Iepziekte

Rond 1920 werd voor het eerst de iepziekte waargenomen. De ziekte is te herkennen aan iepen, die in de zomer al herfstkleuren gaan vertonen. Het blad verkleurt en valt af. Het begint bij één tak en verspreidt zich vrij snel over de hele kroon. De schimmel die deze ziekte veroorzaakt (Ophiostoma ulmi) groeit aanvankelijk in de houtvaten. Via de sapstroom verspreidt de schimmel zich steeds verder door de boom. De iep probeert de schimmel tegen te houden door zijn watertransportsysteem af te sluiten. Hierdoor verwelken bladeren en takken en uiteindelijk sterft de hele kroon af.

De ziekte is besmettelijk en wordt verspreid door de iepenspintkever (m.n. soorten van de Scolytus kever), maar kan ook ondergronds, via het wortelstelsel verspreid worden. De iepenspintkevers leggen hun eieren bij voorkeur in zwakke en/of zieke bomen. De jonge kevers vliegen in de zomer van de zieke naar de gezonde iepen. Ze doen zich tegoed aan de bast van de jonge, gezonde twijgen en okselknoppen. Als de kevers de schimmel bij zich dragen, dan dringt deze binnen via het aangevreten houtvat en reist verder de boom in via de sapstroom.

Van belang is dat de zieke iepen zo snel mogelijk gerooid worden. Bij voorkeur binnen 3 weken. Het zieke/ dode hout mag ook niet opgeslagen worden als brandhout, omdat de houtblokken een ideale broedplaats zijn voor de iepenspintkevers.

Werkwijze SEKO
In opdracht zorgen wij ervoor dat de iep/iepen snel en vakkundig gerooid en afgevoerd worden. Na het rooien vervoeren wij de iepen afgedekt, zodat de aanwezige kevers niet de kans krijgen zich te verspreiden tijdens het vervoer. Wij zorgen er vervolgens voor, dat het hout op de juiste manier vernietigd wordt.

IMG_0153

 

DEMODAG.2009 (69)  nwe foto's camera AV 015